top of page
  • Facebook
  • Twitter
  • Instagram
Muziek.png

Toelatingsproeven MUSART ​

In onze muziekopleiding voel je een ‘open mind’ die creativiteit stimuleert. Vanuit je artistieke eigenheid kan je zelf kiezen voor een van de KSO-muziekopleidingen: klassiek, jazz/pop/musical. 


Tijdens de toelatingsproeven wordt vooral gepeild naar je artistiek groeipotentieel in functie van de studierichting die jij wil volgen. Dit gebeurt vanuit een totaalbenadering van jouw artistieke eigenheid, d.w.z. dat jij tijdens deze toelatingsproeven jouw muzikale en artistieke talenten kan tonen op het vlak van instrument, zang, notenleer/gehoorvorming, muziektheorie. Je zal tijdens een kort gesprek je artistieke droom, ambitie en achtergrond kunnen toelichten om deze studierichting te volgen. Tevens wordt er gepeild naar je kennis van de algemene vakken. Het gesprek wordt gevoerd op basis van rapporten van je huidige studierichting.  

Derde leerjaar (1e leerjaar 2e graad) 

1. Instrumentproef:  

  • Klassiek: De kandidaat speelt drie voorbereide composities naar keuze, waarvan één studie. 

2. Algemene muziekleer: Deze proef is een oriënteringsproef: Er wordt gepeild naar het niveau en voornamelijk naar het potentieel van de kandidaat op het vlak van notenleer en gehoorvorming  

  • Zichtlezing in solsleutel (2/4; 3/4; 4/4)  

  • Voorgespeelde melodisch-ritmische patronen imiteren. 

3. Kennismakingsgesprek: Peiling naar de muzikale achtergrond en motivatie van de kandidaat. 

Vierde leerjaar (2e leerjaar 2e graad) 

 

1. Instrumentproef:  

  • Klassiek: De kandidaat speelt drie voorbereide composities naar keuze, waarvan één studie. 

2. Algemene muziekleer: Deze proef is een oriënteringsproef: Er wordt gepeild naar het niveau en voornamelijk naar het potentieel van de kandidaat op het vlak van notenleer, gehoorvorming en muziektheorie. 

  • Notenleer/gehoor: 

  • Zichtlezing in sol- en fasleutel tweeledige en drieledige maatsoorten: zie voorbeeldlesje
    Indien de vaardigheid op het vlak van notenleer beperkt of onbestaande is, mag de kandidaat op het gehoor voorgespeelde melodisch-ritmische patronen nazingen. 

  • Ritmische oefening  

 

  • Gehoor:  

  • Herkennen van majeur en mineur gronddrieklanken 

  • Bewustwording en intoneren van majeurdrieklanken  

 

  • Muziektheorie (schriftelijk): bijlage

  • Majeur mineur drieklanken noteren 

  • Letterbenamingen 

  • Volgorde kruisen en mollen 

  • Majeurtoonladders noteren 

3. Kennismakingsgesprek: Peiling naar de muzikale achtergrond en motivatie van de kandidaat  

Vijfde leerjaar (1e leerjaar 3e graad) 

1. Instrumentproef:  

  • Klassiek: De kandidaat speelt drie voorbereide composities naar keuze, waarvan één studie. 

2. Algemene muziekleer: Deze proef is een oriënteringsproef: Er wordt gepeild naar het niveau en voornamelijk naar het potentieel van de kandidaat op het vlak van notenleer, gehoorvorming en muziektheorie. 

  • Notenleer: 

  • Zichtlezing in sol- en fasleutel tweeledige en drieledige maatsoorten: zie voorbeeldlesje
    Indien de vaardigheid op het vlak van notenleer beperkt of onbestaande is, mag de kandidaat op het gehoor voorgespeelde melodisch-ritmische patronen nazingen. 

  • Ritmische oefening  

 

  • Gehoor:  

  • Herkennen van majeur en mineur gronddrieklanken; dominant-septiem akkoord 

  • Bewustwording en intoneren van majeur en mineur toonladders (antiek, harmonisch, melodisch)  

 

  • Muziektheorie (schriftelijk): bijlage

  • Majeur en mineur drieklanken in grondligging + dominant-septiem  

  • Letterbenamingen 

  • Enkelvoudige intervallen 

  • Volgorde kruisen en mollen 

  • Majeur- en mineurtoonladders  

3. Kennismakingsgesprek: Peiling naar de muzikale achtergrond en motivatie van de kandidaat  

3de jaar
4de jaar
5de jaar
bottom of page